Tuchtbeslissingen van de Kamers

Hieronder vind je een selectie van de meest interessante tuchtbeslissingen van de tuchtkamers van het BIV. Tenzij anders vermeld, hebben alle onderstaande beslissingen de kracht van gewijsde. Dit wil zeggen dat de beslissingen hieronder allemaal finale eindbeslissingen zijn. Geen enkel middel kan dus nog tegen de betreffende beslissing aangewend worden, tenzij anders vermeld.

  • Datum Kamer Beslissing (dossier)
    Radiation
    23 augustus 2018
    Chambre Exécutive
    1580 (D6642)
    Samenvatting: 

    Courtier – collaboration avec des personnes non agréés IPI – non supervision d’agence - irrespect – garantie locative - absence de formation - devoirs de dignité, délicatesse, probité et confraternité - manquement aux articles 1, 3, 4, 22, 23, 28, 36 et 44 du Code de déontologie.

    Aard klacht: 
    Bemiddeling verhuur
    Bemiddeling verkoop
    Samenwerking met niet-erkenden
    Naamlening
    Financiële verrichtingen
    Collegialiteit
    Vormingsverplichting
    Toezicht kantoor en personeel
    Eer en waardigheid
    Medewerking tuchtonderzoek
    Artikels: 
    Eer en waardigheid - Respect wettelijke bepalingen
    Deontologische verantwoordelijkheid – persoonlijk en voor derden (personeel)
    Controle en toezicht kantoor (personeel)
    Samenwerking niet-erkende / naamlening
    Collegialiteit
    Enkel recht op ereloon wettelijk/conventioneel voorzien
    Discretieplicht: verbod verstrekken verkeerde info
    Meewerking aan het tuchtonderzoek
  • Datum Kamer Beslissing (dossier)
    Schorsing
    22 augustus 2017
    Uitvoerende Kamer
    3157 (T8772)
    Samenvatting: 

    De vastgoedmakelaar wordt verweten een samenwerkingsverband te hebben georganiseerd met twee personen die geen toelating hadden om de gereglementeerde activiteiten van vastgoedmakelaar uit te oefenen. In een geval geeft aangeklaagde aan dat hij niet wist dat de medewerker geen BIV-inschrijving had aangevraagd. Hij lijkt niet te weten dat het louter aanvragen van een BIV-erkenning op zich niet volstaat: de erkenning moet toegestaan zijn en niet aangevraagd om een samenwerking aan te gaan. De samenwerking werd ook verder gezet nadat de aangeklaagde werd aangeschreven door de diensten van het BIV. Verder heeft de aangeklaagde onvoldoende aandacht besteed aan permanente vorming. De Uitvoerende Kamer tilt zwaar aan deze onwettige samenwerkingen die zich samen uitstrekken over een periode van meer dan één jaar, en het gebrek aan permanente vorming, die voor elke makelaar noodzakelijk is, maar zeker voor stagemeesters. De makelaar krijgt een effectieve schorsing van 8 maand, waarvan
    4 maanden met uitstel gedurende 3 jaren, met als bijkomende sanctie het volgen van 35 uren permanente vorming binnen het jaar, bovenop de reguliere vorming en met uitsluiting van de e-learning.

    Aard klacht: 
    Eer en waardigheid
    Vormingsverplichting
    Samenwerking met niet-erkenden
    Naamlening
    Artikels: 
    Eer en waardigheid - Respect wettelijke bepalingen
    Samenwerking niet-erkende / naamlening
    Discretieplicht: verbod verstrekken verkeerde info