Cashverbod antiwitwaswet: “Ook als ik mijn bedrijfswagen verkoop?”

Cashverbod antiwitwaswet: “Ook als ik mijn bedrijfswagen verkoop?”

maandag 12 oktober 2015

We ontvingen onlangs de volgende vraag van een vastgoedmakelaar: “Ik wil mijn bedrijfswagen verkopen. Moet ik ook voor die activiteit rekening houden met het cashverbod dat de antiwitwaswet oplegt?” Een terechte vraag, die waarschijnlijk vaker gesteld wordt. Onze juristen zochten het uit.

Art. 21. van de antiwitwaswet luidt: “De prijs van de verkoop door een handelaar van één of meerdere goederen evenals de prijs van één of meerdere dienstprestaties geleverd door een dienstverstrekker, voor een bedrag van 3.000 euro of meer, mag niet in contanten worden vereffend, uitgezonderd voor een bedrag dat 10% van de prijs van de verkoop of de dienstprestatie niet overstijgt, en voor zover dit bedrag niet hoger is dan 3.000 euro ongeacht of de verkoop of de dienstprestatie plaatsvindt in één verrichting of via meerdere verrichtingen waartussen een verband lijkt te bestaan.”

In dit geval gaat het wel degelijk om de verkoop van een goed (de bedrijfswagen) door een handelaar. De verkoop van de bedrijfswagen van de vastgoedmakelaar valt dus wel degelijk ook onder deze wetgeving. Als het om een privéwagen zou gaan, treedt de vastgoedmakelaar op als particulier en geldt de beperking niet.

Concreet voor dit geval betekent dat dat de prijs waarvoor de bedrijfswagen verkocht wordt, bepaalt of en hoeveel er in cash mag worden betaald.

Wordt de wagen voor minder dan 3.000 euro (inclusief btw) verkocht, dan mag het hele bedrag cash worden betaald. Is de prijs gelijk aan of hoger dan 3.000 euro, dan mag tot 10 procent van de prijs cash betaald worden, met een maximum van 3.000 euro.