De wettelijke taken van het BIV

Het Beroepsinstituut is belast met enkele wettelijke taken: het controleren van de toegang tot het beroep, het waken over de naleving van de deontologie, en ten slotte het opstellen van het Tableau van erkende beoefenaars en de Lijst van stagiairs.

Om deze wettelijke taken terdege te behartigen, zet het Instituut in op het informeren, sensibiliseren en (in een laatste fase) sanctioneren van kandidaat-vastgoedmakelaars, stagiair-vastgoedmakelaars en titularissen. Want het spreekt voor zich dat wie sanctioneert ook een informerende en sensibiliserende verantwoordelijkheid draagt.

1. Het controleren van de toegang tot het beroep

Het beroep van vastgoedmakelaar is een gereglementeerd beroep. Dat betekent dat iedereen die als zelfstandige de activiteiten van vastgoedmakelaar wil uitoefenen, door het BIV moet erkend zijn.

De Nationale Raad van het BIV ziet toe op de naleving van de regels inzake de toegang tot het beroep van vastgoedmakelaar en is het orgaan dat het BIV procedures laat opstarten tegen onwettige beoefenaars. Wie als vastgoedmakelaar actief is zonder over de nodige erkenning te beschikken, is een nepmakelaar, een oplichter, die geen enkele garantie of zekerheid kan bieden aan consumenten. Dergelijke nepmakelaars, onwettige beoefenaars of illegale makelaars zijn een gevaar voor de consument, maar schaden ook het imago van de erkende vastgoedmakelaars en van de hele sector. Daarom brengt het BIV deze nepmakelaars, die het beroep van vastgoedmakelaar onwettig uitoefenen, voor de rechtbank.

De Dienst Opsporing van het BIV is belast met het voorbereiden van de dossiers ter voorlegging aan de Nationale Raad.

2. Het opstellen van het Tableau van beoefenaars en de Lijst van stagiairs

De Kamers van het BIV hebben de opdracht om de ledenlijst te beheren. Zij beslissen over de aanvragen tot inschrijving van kandidaat-vastgoedmakelaars en gaan na of de kandidaat aan alle voorwaarden voldoet. Inderdaad, wie vastgoedmakelaar wil worden, moet aan een aantal voorwaarden voldoen.

De Kamers van het BIV controleren stagiair-vastgoedmakelaars na afloop van hun stage op hun capaciteiten en op hun verworven kennis.

3. Het waken over de naleving van de deontologie

De Kamers, de rechterlijke macht binnen het BIV, hebben niet alleen als taak te beslissen over de aanvragen tot inschrijving van kandidaat-vastgoedmakelaars. Zij gaan ook na of de vastgoedmakelaars de Plichtenleer naleven.

Een erkend vastgoedmakelaar die de Plichtenleer niet naleeft, stelt zich bloot aan een tuchtsanctie. Daarover beslist de Uitvoerende Kamer (in eerste aanleg) of de Kamer van Beroep (in tweede aanleg) van het BIV. De Kamers kunnen enkel en alleen ten aanzien van BIV-leden een (tucht)uitspraak doen, want zij onderschrijven de Plichtenleer bij hun inschrijving.

De cijfers die onze werking op al deze vlakken illustreren, vind je terug in onze jaarverslagen.